U bent hier

Protestantse gemeente Surhuizum

A. Algemene gegevens

Naam kerkelijke gemeente Protestantse gemeente te Surhuizum
RSIN/Fiscaal nummer 824124339
Nummer Kamer van Koophandel 7638219
Website www.pknsurhuizum.nl
E-mail

scriba@pknsurhuizum.nl

Adres Langpaed 1
Postcode 9284 TD
Plaats Surhuizum

Deze gemeente is een zelfstandig onderdeel als bedoeld in artikel 2 boek 2 Burgerlijk wetboek en bezit rechtspersoonlijkheid. Dit is ook vastgelegd in ordinantie 11 artikel 4 lid 1 van de kerkorde.De Protestantse gemeente te Surhuizum is een geloofsgemeenschap die behoort tot de Protestantse Kerk in Nederland. In het statuut (kerkorde) van de Protestantse Kerk staat dit in ordinantie 2 artikel 1 als volgt omschreven “een gemeente is de gemeenschap, die geroepen, tot eenheid, getuigenis en dienst, samenkomt rondom Woord en sacramenten “.

De kerkorde van de Protestantse Kerk in Nederland bevat o.m. bepalingen omtrent het bestuur, de financiën, toezicht en (tucht)rechtspraak die gelden voor de kerkleden, de gemeenten en andere onderdelen van deze kerk. Deze kerkorde is te vinden op de website van de landelijke kerk: kerkorde Protestantse Kerk in Nederland.

De Protestantse Kerk in Nederland heeft van de Belastingdienst een groepsbeschikking ANBI gekregen. Dat wil zeggen dat de afzonderlijke gemeenten en andere instellingen die tot dit kerkgenootschap behoren zijn aangewezen als ANBI. Dit is ook van toepassing op de Protestantse gemeente te Surhuizum.

B. Samenstelling bestuur

Het bestuur van de kerkelijke gemeente ligt bij de kerkenraad en wordt gevormd door de ambtsdragers van deze gemeente. In onze gemeente telt de kerkenraad zes leden, die worden gekozen door en uit de leden van de kerkelijke gemeente.

Het College van kerkrentmeesters telt vier leden en is verantwoordelijk voor het beheer van de financiële middelen en de gebouwen van de gemeente, met uitzondering van diaconale aangelegenheden. De kerkenraad is eindverantwoordelijk, wat tot uitdrukking komt in de goedkeuring van o.a. de begroting en de jaarrekening.  Het college bestaat uit tenminste drie leden. Verder  hebben zowel de kerkenraad als het college, door het toezicht op de vermogensrechtelijke aangelegenheden, contact met het classicaal college voor de behandeling van beheerszaken. (Ordinantie 11, art. 6-9).

C. Doelstelling / visie

De Protestantse Kerk verwoordt in de eerste hoofdstukken van de Kerkorde wat zij gelooft en belijdt. Dit vormt de basis van haar kerkstructuur, haar organisatie, haar kerkrecht, haar ledenadministratie, haar arbeidsvoorwaarden en haar financiën.

1 - De Protestantse Kerk in Nederland is overeenkomstig haar belijden gestalte van de ene heilige apostolische en katholieke of algemene christelijke Kerk die zich, delend in de aan Israël geschonken verwachting, uitstrekt naar de komst van het Koninkrijk van God. 

2 - Levend uit Gods genade in Jezus Christus vervult de kerk de opdracht van haar Heer om het Woord te horen en te verkondigen. 

3 - Betrokken in Gods toewending tot de wereld, belijdt de kerk in gehoorzaamheid aan de Heilige Schrift als enige bron en norm van de kerkelijke verkondiging en dienst, de drie-enige God, Vader, Zoon en Heilige Geest.

Zie verder: artikelen I t.m. IV van de kerkorde van de Protestantse Kerk “de roeping van kerk en gemeente”.

D. Beleidsplan

Het beleidsplan van de Protestantse Kerk kunt u vinden via deze link: https://www.protestantsekerk.nl/anbi-pkn/ zoeken op beleidsplan 2021-2025 “de toekomst open tegemoet”.

Op onze website vindt u het Beleidsplan 2016-2020 van onze gemeente. Het nieuwe beleidsplan van 2021-2025 is nog volop in ontwikkeling.

E. Beloningsbeleid

De beloning van de predikant(en)  van onze gemeente is geregeld in de ‘Generale regeling rechtspositie predikanten’. Zie Generale Regelingen Protestantse Kerk in Nederland

De beloning van de overige medewerkers in loondienst, zoals kerkelijk werkers, kosters/beheerders, is geregeld in de ‘ Arbeidsvoorwaardenregeling Protestantse kerk in Nederland’. Zie https://www.protestantsekerk.nl/thema/arbeidsvoorwaarden-kerkelijk-medewerkers/

Leden van kerkenraden, colleges en commissies ontvangen geen vergoeding voor hun werkzaamheden. Alleen werkelijk gemaakte onkosten kunnen worden vergoed.

F. Verslag activiteiten

De kerkenraad heeft de algemene eindverantwoordelijkheid voor het in stand houden van een levende gemeente. Dat doet zij door zoveel mogelijk gemeenteleden in te schakelen bij het plaatselijk werk. Enkele taken zijn conform de kerkorde gedelegeerd naar afzonderlijke colleges, waaronder het College van Kerkrentmeesters en het College van Diakenen. Zij waken over de financiële slagkracht van de gemeente en leggen via een jaarverslag rekening en verantwoording af aan de kerkenraad. Een uittreksel van de belangrijkste gegevens treft u hieronder aan.

- Het opzetten van een nieuw beleidsplan

- Het (opnieuw) actief betrekken van (nieuwe) gemeenteleden bij de kerk

- Het onderhouden en renoveren van de gebouwen

- Het jeugdwerk opnieuw vormgeven

G. Voorgenomen bestedingen

De verwachte bestedingen (begroting) sluiten als regel nauw aan bij de rekeningen over de voorgaande jaren. Het plaatselijk kerkenwerk (of kerk-zijn) vertoont een grote mate van continuïteit: de predikanten of andere werkers verrichten hun werkzaamheden, kerkdiensten worden gehouden en ook andere kerkelijke activiteiten vinden plaats. In de kolom begroting in het overzicht onder H. is dit cijfermatig in beeld gebracht. Een bijzondere post in de begroting voor de komende jaren betreft de verbouwing van ons verenigingsgebouw It Gebou.

H. Verkorte staat van baten en lasten

Onderstaande staat van baten en lasten geeft via de kolom begroting inzicht in de begrote ontvangsten en de voorgenomen bestedingen. De kolom rekening geeft inzicht in de daadwerkelijk gerealiseerde ontvangsten en bestedingen.

De voorgenomen bestedingen voor het komende jaar zullen niet sterk afwijken van de voorgenomen bestedingen van het verslagjaar, met uitzondering van de uitgaven voor de verbouwing zoals hierboven omschreven.

Surhuizum_PG_KRM_J2020_ANBI-overzicht.png

Toelichting

Kerkgenootschappen en hun onderdelen zorgen in Nederland zelf voor de benodigde inkomsten voor hun activiteiten. Aan de kerkleden wordt elk jaar via de Actie Kerkbalans gevraagd om hun bijdrage voor het werk van de kerkelijke gemeente waartoe zij behoren.

Soms bezit de kerkelijke gemeente ook nog enig vermogen in de vorm van woningen, landerijen of geldmiddelen. Soms is dit aan de gemeente nagelaten met een specifieke bestemming. De opbrengsten van dit vermogen worden aangewend voor het werk van de gemeente.

Kerken ontvangen geen overheidssubsidie in Nederland, behoudens voor de instandhouding van  monumentale (kerk)gebouwen of een specifiek project.

Een groot deel van de ontvangen inkomsten wordt besteed aan pastoraat, in de vorm van salarissen voor de predikant en eventuele kerkelijk werkers en aan de organisatie van kerkelijke activiteiten.

Daarnaast worden de ontvangen inkomsten ook besteed aan het in stand houden van de kerkelijke bezittingen, benodigd voor het houden van de kerkdiensten (zoals onderhoud, energie, belastingen en verzekeringen) en aan de kosten van de eigen organisatie (salaris koster, eventueel overig personeel, vrijwilligers) en bijdragen voor het in stand houden van het landelijk werk.

Onder lasten van beheer zijn opgenomen de kosten voor administratie en beheer van de kerkelijke bezittingen.

Nadere toelichting:

We zijn verheugd u te kunnen meedelen dat we een stijging zien van de bijdrage van onze leden. De pachtopbrengst schommelt ieder jaar op basis van de vastgestelde pachtnormen van de overheid. Ieder jaar wordt een bedrag toegevoegd aan de onderhoudsvoorziening voor het monumentale kerkgebouw. Het college beoogt hiermee een onvoorzien onderhoud en toekomstige pieken in de kosten te kunnen voorkomen en elimineert hiermee de ontvangen onderhoudssubsidie waartegenover nog geen uitgaven zijn geweest. Wij streven ernaar alle nodige onderhoud uit te voeren. In dit coronajaar zijn aanzienlijk minder uitgaven aan het jeugdwerk geweest. Volgens de Richtlijn voor Jaarverslaggeving PKN worden bezittingen gewaardeerd tegen actuele waardes, vergelijkbaar met WOZ waardes. Hiervoor zijn (ongerealiseerde) herwaarderingsreserves gevormd ten gunste van het vermogen van de gemeente.

Hoewel we met een positief resultaat kunnen afsluiten, moeten we ook concluderen dat dit grotendeels voortvloeit uit het feit dat er in het Coronajaar 2020 nagenoeg geen fysieke bijeenkomsten zijn geweest. Voor de toekomst hopen we op een sluitende begroting, maar nog liever op een positieve uitkomst. Met de verbouwing in het vooruitzicht zal worden ingeteerd op onze liquide middelen. Het nieuwe beleidsplan is volop in ontwikkeling, zo wordt duidelijk welke keuzes wij gaan maken op basis van de koers die we willen varen in onze gemeente. Zo kunnen we onze geldmiddelen optimaal inzetten voor de juiste doelgroepen.